Nieuws

20-09-2017: Prinsjesdag 2017: extra geld voor personeel en meer

Wat verandert er in 2018 op het gebied van volksgezondheid? Een overzicht van de voornaamste punten voor verpleegkundigen in de begroting van het ministerie van VWS. 

De begroting van VWS vormt volgens minister Schippers (foto) een fundament waarop een nieuw kabinet verder kan bouwen aan goede en betaalbare zorg, die voor iedereen beschikbaar is. ‘Het zal van een nieuw kabinet en van iedereen in de zorg veel vragen om de best mogelijke zorg te blijven leveren. Zorg die uitgaat van wat mensen nodig hebben: persoonlijk, betaalbaar, met oog voor het verschil. Zorg voor zeventien miljoen mensen.’ Wat zijn de belangrijkste punten voor verpleegkundigen uit de begroting van VWS?

Kwaliteit van de verpleeghuiszorg

De kwaliteit van de verpleeghuiszorg moet omhoog. Het kabinet maakt daarom geld vrij voor de implementatie van het Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg. Het kabinet heeft in 2017 incidenteel 100 miljoen euro beschikbaar gesteld voor de verpleeghuizen waar de verbetering van kwaliteit het hardste nodig is. Daarnaast is bij de Voorjaarsnota vanaf 2017 structureel 100 miljoen euro vrijgemaakt voor de verbetering van de kwaliteit op basis van het Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg. In aanvulling hierop maakt het kabinet vanaf 2018 335 miljoen euro vrij zodat verpleeghuizen het kwaliteitskader verder kunnen implementeren en het aantal handen aan het bed op korte termijn al kan toenemen.

Meer personeel in verpleeghuizen

Omdat verpleeghuizen tijd nodig hebben om goed personeel te werven op de krapper wordende arbeidsmarkt en personeel deels nog opgeleid moet worden, duurt het enkele jaren voordat de uitgaven op het structurele niveau liggen. Voor de scholing van dit personeel stelt het kabinet over de periode 2017–2021 in totaal 275 miljoen euro beschikbaar. De kosten in 2018 worden gedekt binnen de VWS-begroting. Voor de jaren daarna kan het volgende kabinet besluiten hoe de kosten worden gefinancierd.

Extra geld voor méér verpleegkundigen en verzorgenden

Het tekort aan zorgprofessionals loopt flink op. Dit vraagt om het aantrekken van nieuwe mensen en herintreders voor de sector; het behoud van mensen voor de sector; een optimale inzet van het huidige personeel. In de komende periode wordt hier concreet invulling aan gegeven. Bij deze agenda hoort een extra impuls van circa 350 miljoen euro voor de periode 2017 tot 2022. Dit bedrag is bestemd voor scholing van huidig en nieuw personeel en voor het aantrekkelijker maken van werken in de zorg. Een belangrijk deel van dit geld is bestemd voor het aantrekken van extra personeel door verpleeghuizen. Daarnaast is er geld beschikbaar voor het aantrekken van onder andere verpleegkundigen en artsen op de spoedeisende hulp, ambulancepersoneel en zorgprofessionals op de intensive care.

Beroepenstructuur Verpleegkundige vervolgopleidingen

Steeds vaker wordt complexere zorg verleend buiten het ziekenhuis, bijvoorbeeld bij de patiënt thuis. Deze verandering leidt er toe dat gespecialiseerde verpleegkundigen op steeds meer verschillende plekken in de zorg werken. De opleidingsstructuren van (verpleegkundige) vervolgopleidingen sluiten nog onvoldoende aan op deze verandering. Veel vervolgopleidingen zijn meer gericht op werken in het ziekenhuis en worden meestal ook verzorgd door ziekenhuizen. Om tekorten te voorkomen of te bestrijden gaan we samen met betrokken partijen verkennen hoe de structuur van vervolgopleidingen voor professionals die werken buiten het ziekenhuis vorm kan krijgen. In totaal is hiervoor in 2018 €8 miljoen beschikbaar.

Wijkverpleegkundige

Sinds 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk voor jeugdzorg en voor een deel van de zorg en ondersteuning aan langdurig zieken en ouderen. In de eerste jaren na de decentralisatie is ingezet op een zorgvuldige overgang van taken, waarbij continuïteit van zorg voorop stond. Nu werken de gemeenten hard om de zorg daadwerkelijk te vernieuwen. Het is zaak dat cliënten de verbeteringen daadwerkelijk gaan merken. Dit vraagt om verdere professionalisering en meer samenwerking tussen zorgverleners in de sociale en medische zorg, onder regie van de gemeenten. Punt van aandacht is ook dat door de decentralisatie de administratieve lasten hoog zijn opgelopen. Er worden nu voorbereidingen getroffen om deze drastisch te laten afnemen. Daarvoor bereiden we een aanpassing van de wet voor.

Meer bedden in de eerste lijn

Het is belangrijk dat mensen de juiste zorg krijgen op de juiste plek. Zo richten zorgverzekeraars in overleg met zorgaanbieders regionale loketten in, die huisartsen en ziekenhuizen snel helpen bij het vinden van een juiste plek voor patiënten. Dergelijke initiatieven moeten leiden tot vermindering van onnodige opname van bijvoorbeeld kwetsbare ouderen in ziekenhuizen en er voor zorgen dat mensen, zodra ze het ziekenhuis kunnen verlaten, de beste zorg krijgen. Dat vraagt om meer bedden in de eerste lijn. Eerstelijnsverblijven bieden onder meer zorg aan mensen die door een ziekte even niet meer thuis kunnen wonen. Zij hoeven dan niet naar het ziekenhuis. Ook voor kwetsbare ouderen die na een ziekenhuisopname nog niet terug naar huis kunnen, is een eerstelijnsbed een uitkomst. In 2016 deden ongeveer 28.000 ouderen een beroep op deze vorm van kortdurende zorg. Dat is 5.500 meer dan in 2015. Vanaf 2017 heeft het huidige kabinet 55 miljoen euro vrijgemaakt voor extra bedden en de daarbij behorende organisatie. Hiermee is in totaal 315 miljoen euro beschikbaar voor 2018.

Bron: nursing

11-09-2017: Vragen en antwoorden poh en pvh

Waarom is er naast de poh een pvh nodig in de huisartsenpraktijk?

Vorig jaar is door de werkgeversorganisaties (LHV en Ineen) definitief besloten de functiegroep poh te continueren. De NVvPO heeft zich altijd ingezet voor het behoud van de functie van poh, omdat dit voor patiënten met een chronische aandoening een onmisbare schakel is in de huisartsenpraktijk. Deze inspanningen hebben uiteindelijk geresulteerd in een nieuw geactualiseerd competentieprofiel poh 2017, dat tot stand is gekomen in overleg met werkgevers- en werknemersorganisaties, beroepsverenigingen en samenwerkende hogescholen met projectbegeleiding van de Stichting Sociaal Fonds Huisartsenzorg.

De huisartsenzorg heeft daarnaast behoefte aan de functie van praktijkverpleegkundige huisartsenzorg, omdat de complexiteit van de zorg toeneemt en daarmee ook de complexiteit van taken. Kern van de taak van de pvh is zorg te bieden aan verschillende patiënten groepen, waarbij specifieke verpleegkundige kennis en vaardigheden worden gevraagd.

Het is een keuze van de huisartsenpraktijk welke functie(s) ingezet word(t)en. Dit is afhankelijk van de voorkeur van de huisarts (welke zorg wil de huisarts zelf bieden, welke draag hij/zij liever over), de patiëntenpopulatie en de lokale arbeidsmarkt.

Wat is het verschil tussen een poh en een pvh? 

De POH houdt zich bezig met preventie, monitoring, begeleiding, voorlichting en educatie bij specifieke groepen patiënten, in het bijzonder die met chronische aandoeningen. De POH leert de patiënt omgaan met zijn beperkingen, stimuleert de zelfredzaamheid en een gezonde leefstijl. Ook speelt de POH vaak een coördinerende rol in de samenwerking tussen wijkteams en andere zorgverleners. 

De PVH zal patiënten begeleiden die een combinatie van problemen hebben, zoals cognitieve beperkingen, functionele beperkingen, twee of meerdere chronische ziekten tegelijk, psychosociale problematiek of zitten in een maatschappelijk isolement. Ook de niet-geprotocolleerde zorg zal tot de werkzaamheden van de pvh gaan behoren. Andere aandachtsgebieden van de PVH zijn de oncologische nazorg en de palliatieve zorg. Als basis voor de functie van pvh is de hbo-opleiding verpleegkundige gekozen, omdat dit een brede, generalistische opleiding is en in de Wet Beroepen Individuele Gezondheidszorg (Wet BIG) is vastgelegd wat het deskundigheidsgebied van de verpleegkundige is.

Uit het competentieprofiel van de praktijkverpleegkundige uit 2014 blijkt dat de pvh meerdere patiëntengroepen met gedifferentieerde zorgvragen zal gaan ondersteunen en begeleiden. De toekomstige praktijkverpleegkundige huisartsenzorg zal dus een breder takenpakket krijgen dan de praktijkondersteuner heeft. Dit vraagt verpleegkundige competenties van de pvh, zoals o.a. klinisch redeneren en het stellen van een verpleegkundige diagnose. Voorts wordt van de pvh meer theoretische kennis verwacht ten aanzien van evidence based medicine en evidence based pracise en kan het doen van wetenschappelijk onderzoek onderdeel uitmaken van de werkzaamheden van de pvh.

Ik ben poh-er met verpleegkundige achtergrond en ben al praktijkverpleegkundige huisartsenzorg

Veel verpleegkundigen die aangesteld zijn als poh hebben, noemen zich praktijkverpleegkundige huisartsenzorg. De NVvPO begrijpt dat mensen dit graag op deze wijze naar buiten toe communiceren om recht te doen aan hun verpleegkundige titel.  Het is echter een misverstand dat je als poh met een verpleegkundige vooropleiding al praktijkverpleegkundige huisartsenzorg bent. Er zijn immers nog geen PVH’s opgeleid, die werken volgens het competentieprofiel pvh 2014/Bachelor Nursing 2020. Een aantal opleidingsinstituten wekken op hun website wel de indruk dat je je daar kunt bijscholen tot praktijkverpleegkundige huisartsenzorg. Dat is niet correct. De eerste PVH’s stromen vanaf 2020-2021 uit naar de huisartsenpraktijk.

Het competentieprofiel van de PVH uit 2014 wordt op dit moment geactualiseerd. Dit wordt gedaan door de organisaties die het competentieprofiel van de poh in 2017 hebben opgesteld. En door deze groep wordt tevens onderzocht welk opleidingstraject ontwikkeld dient te worden voor de huidige poh-ers met verpleegkundige vooropleiding om zich te laten bijscholen tot praktijkverpleegkundige huisartsenzorg. Indien hierover meer duidelijkheid bestaat, wordt dit gecommuniceerd via de website en de nieuwsbrief van de NVvPO en het SSFH.

Kan ik als poh-er met doktersassistentenopleiding of met een andere opleidingsachtergrond PVH worden?

Poh’s met een andere vooropleiding dan verpleegkundige kunnen zich ontwikkelen tot PVH door het volgen van een HBO-V opleiding tot verpleegkundige en afhankelijk van de programmering van de hogeschool, met specifieke keuzevakken of een kopstudie PVH of extra modulen. De opleiding HBO-V is nodig, omdat ‘ verpleegkundige’ een beschermde titel is met BIG registratie.

Ik ben nu poh-er en wil dat blijven. Moet ik nu toch de opleiding tot pvh gaan volgen?

De poh die poh wil blijven- en die voornamelijk geprotocolleerde gedelegeerde taken uitvoert - kan binnen de huisartsenzorg zijn/haar functie blijven uitoefenen.

Zoals het er nu naar uit ziet, zal in de huisartsenzorg ook in de toekomst de vraag naar praktijkondersteuners blijven bestaan. Het NIVEL geeft in haar rapport aan dat de groei van poh nog niet lijkt te stoppen[1]. Ze houden rekening met een scenario waarbij huisartsen meer ondersteuners in dienst zullen nemen, zeker als de zorgvraag blijft stijgen. De behoefte aan poh-ers op de arbeidsmarkt zal toenemen, omdat ongeveer de helft van degenen die de functie uitoefenen 50 jaar of ouder is en zullen gaan uitstromen de komende jaren[2]. Daarnaast is er de komende jaren nog minimale beschikbaarheid van afgestudeerde pvh-ers.

Bron: NVvPO


[1] Praktijkondersteuners in beeld, NIVEL 2016.

[2] Dit blijkt uit benchmarkgegevens van PGGM.

 

07-09-2017: Eindrapport van het onderzoek ‘Taakherschikking in de ouderenzorg; kansen, belemmeringen en effecten

Het eindrapport van het onderzoek ‘Taakherschikking in de ouderenzorg; kansen, belemmeringen en effecten’ is gepubliceerd. Dit onderzoek is met een subsidie uitgevoerd door RadboudUMC en de Hogeschool Arnhem/Nijmegen.

De aanleiding van dit onderzoek is gelegen in het feit dat het onduidelijk is op welke wijze taakherschikking in de ouderenzorg wordt vormgegeven, welke (medische) taken Physician Assistants en Verpleegkundig Specialisten en andere zorgprofessionals uitvoeren en wat de (ervaren) effecten van taakherschikking in de ouderenzorg zijn.

In dit rapport is de actuele situatie aan de hand van een literatuuronderzoek, interviews en het bestuderen van cases in kaart gebracht. Het laat zien dat taakherschikking binnen de ouderenzorg in Nederland nog in de kinderschoenen staat. Volgens de onderzoekers ontbreekt het in de eerstelijns ouderenzorg en in verpleeghuizen aan een gedragen eenduidige visie op de inrichting van wie wat doet in de ouderenzorg en in het bijzonder de taakherschikking binnen de ouderenzorg. Waar er sprake is van taakherschikking binnen de ouderenzorg wordt deze zeer divers vormgegeven. De onbekendheid met de inhoud en bevoegdheden van de betreffende zorgprofessionals (Physician Assistant, Verpleegkundig Specialist, verpleegkundige-ouderenzorg) draagt bij aan de grote verschillen in mate van zelfstandigheid van deze professies.

In dit rapport is ook een hoofdstuk toegevoegd over de ontwikkelingen binnen de ouderenzorg en de mogelijke rol van taakherschikking daarin. Tot slot is een raamwerk beschreven waarlangs de verschillende organisaties binnen de ouderenzorg kunnen komen tot een genuanceerd beleid om taakherschikking in te kunnen zetten. Dit kan een belangrijk hulpmiddel zijn om te komen tot een gedragen visie op, en daarmee het beter benutten van de mogelijkheden van taakherschikking binnen de ouderenzorg. Ik zal via het Landelijk Platform Zorgmasters zorgen voor verspreiding van dit rapport in de hoop dat de betrokken partijen hier hun voordeel mee kunnen doen. 

Klik hier voor het gehele rapport

Bron: Ministerie

18-08-2017: Cursus Osteoporose

De beroepsvereniging Vallen Fractuur en Osteoporose (VF&O) heeft in 2013 samen met de Hogeschool Utrecht een cursus Osteoporose ontwikkeld.

Dit jaar willen wij de cursus ook aanbieden aan verpleegkundigen in de huisartsen praktijk, die binnen hun baan minimaal 8 uren met de onderwerp bezig zijn.

Wanneer er 21 augustus 15 of meer gegadigden zijn, gaat de cursus in het najaar 2017 starten.
 

Onderstaand een link naar de site van de HU:

https://www.werkenstudie.hu.nl/totaalaanbod/Osteoporose

In deze cursus leert u hoe u patiënten kunt helpen om te gaan met hun chronische aandoening. Het uitgangspunt van het onderwijsprogramma is de CBO-richtlijn Osteoporose en Fractuurpreventie. 

Cursusdata:

De cursus start in najaar 2017 bij voldoende aanmeldingen.

Prijs:

€ 2015 (vrij van btw)

Locatie:

Heidelberglaan 7 Utrecht

Omvang:

De cursus bestaat uit 5 contactdagen.

Toelatingseisen:

U kunt deelnemen aan deze cursus als u BIG-geregistreerd verpleegkundige bent en werkt in de gezondheidszorg: als verpleegkundige in een algemeen ziekenhuis, in een huisartsenparktijk of werkzaam als gipsverbandmeester. Daarnaast moet u binnen uw baan minimaal acht uur per week zorg dragen voor patiënten met osteoporose.

 

17-07-2017: Hoe tevreden ben jij over je werk en leidinggevende? Vul de werknemersenquête in!

Ben jij tevreden met je werk? Hoe ervaar je de werkdruk? En hoe werk je aan je eigen ontwikkeling? In het landelijke onderzoeksprogramma Arbeidsmarkt Zorg en Welzijn (AZW) onderzoeken het ministerie van VWS, werkgevers- en werknemersorganisaties hoe de arbeidsmarkt in zorg & welzijn zich ontwikkelt. Op dit moment is het landelijk werkbelevingsonderzoek in volle gang en jouw antwoorden zijn hierbij heel belangrijk! 

Met het onderzoeksprogramma AZW wordt betrouwbare informatie verkregen over de arbeidsmarkt. Door duidelijk te maken waar knelpunten zitten kan ook gewerkt worden aan oplossingen voor zaken als tekort aan personeel, werkdruk en veiligheid. Het onderzoek bestaat uit verschillende onderdelen, waaronder een enquête onder alle medewerkers in Zorg en Welzijn. Hieruit wordt veel waardevolle informatie gehaald, dat gebruikt wordt om het totaalbeeld van de arbeidsmarkt te vormen. 

Al meer dan 5.000 medewerkers hebben de enquête ingevuld. Draag jij ook je steentje bij aan het onderzoek? Alleen wanneer veel medewerkers de enquête invullen krijgen we een goed beeld van het werken in de sector. Ga naarwww.werknemerszenw.onderzoek.nl en start de vragenlijst nog voor begin augustus!

Bron:SSFH

Klik hier voor meer nieuwsberichten